Je woorden of je leven

Dit las ik onlangs op een facebookprofiel:

Everything? Nee!
Ik ben bijvoorbeeld absoluut niet bang voor een reep chocolade of een dampend bord tom ka kai, met de beste wil van de wereld kan ik geen angst bespeuren bij spontane blijken van affectie van mijn drie schatten, ik verstijf niet op een citytripje naar Barcelona en voel het zweet niet uitbarsten als ik denk aan een paar uur voor mezelf in combinatie met bad en boek.

Voor één ding gaat het wel op, het schrijven van een boek.
Zoals je eerder al kon lezen – en dus vast zal beamen – had ik natuurlijk heel goede redenen waarom ik er tot hiertoe nog niet aan begon maar…als ik eerlijk ben, is er eigenlijk maar één echte reden, faalangst.

Je kan Homer toch geen ongelijk geven…
Het was tot hiertoe makkelijker om te zeggen dat ik ooit een boek ga schrijven dan het risico te lopen dat ik zou moeten zeggen dat ik het geprobeerd heb en dat het nooit iets zal worden.
“Je hebt al zoveel geschreven,” hoor ik je denken. Ja, maar niets dat voldoende belangrijk voor me was, niets waar mijn bestaansrecht van af leek te hangen.

Maar op een bepaald ogenblik wordt de pijn van het niet-doen veel reëler dan de ingebeelde, toekomstige pijn bij een eventuele mislukking… en dan is het de hoogste tijd om er aan te beginnen… nu.
Of toch eerst nog een kopje koffie?

31 januari 2014

Writing for…lazies

Geen 3000 woorden vandaag. Voorlopig staat de teller nog maar op 11.

Koelkastpoëzie op de keukentafel… of hoe combineer ik schrijven met het entertainen van een zieke 9-jarige. Een aanrader, al zou ik als tip toch willen meegeven om enkele woorden vooraf uit het pakje te halen (condoom, penis, minnaar, taboe, orgie,…) want voor je het weet heb je meer tijd besteed aan voorlichten dan aan dichten.

29 januari 2014

Schrijven? Misschien morgen… of overmorgen.

“Morgen heb ik tijd,” zei ik. “Morgen begin ik er echt aan, dan schrijf ik Caro tot leven.”

En ik wist precies hoe ik zou beginnen. Op handen en voeten kruipend door lucht te dik om in te ademen, met tranen in de ogen, op de tast want ze wil weg, weg van het huilen en smeken, weg van het bidden, het hoesten, het rochelen.
Zo zou het gaan; ik zag het gisteren voor me: een hele dag die zich leeg voor me uitstrekt, even de vingers laten opwarmen met een stukje voor het blog en zodra ze op snelheid zijn overschakelen op een paar hoofdstukken uit Caro’s leven.
Nu ja, een hele dag was misschien een beetje overdreven. In ieder geval na de naailes en voor de knutselles die ik in de school van mijn meisjes zou geven en natuurlijk ook nog tijdens de uren na kinderbedtijd. Geen paniek dus, nog steeds een zee van tijd… tenzij de technieker die de verwarmingsketel komt controleren veel van die zee opsoupeert. Hoe dan ook, drieduizend woorden zou toch moeten lukken.
Toch?

Niet dus, want met kinderen in huis loopt alles altijd anders dan je verwacht. Y2 blijkt ziek te zijn en misschien slagen sommige moeders er in om te schrijven met een ziek kind in huis, maar wat dat betreft ben ik duidelijk niet uit het juiste Rowling-hout gesneden. Ik vind het bijzonder moeilijk om me in het hoofd van een psychopaat te verplaatsen en tussendoor siroop te geven, koorts te meten of sinaasappels te persen. Nee, een massamoord plannen en een voetmassage geven zijn niet compatibel.
Dus dat schrijven, dat doe ik morgen wel. Ik heb morgen tenslotte een halve dag vrij. Tenzij…

28 januari 2014

Love,marriage & writing

Vandaag zijn jullie, meer nog dan wortel en stok, mijn biechtvader.

Ik beken… ik ben zeer gelukkig getrouwd. Dat maakt het leven bijzonder aangenaam, op zeer veel vlakken, enkel op het vlak van het schrijven werkt dit vooralsnog tegen mij.
In het verleden was er schrijven en Schrijven. Het eerste was het betaalde werk, artikels voor tijdschriften, stationsromannetjes, verslagen en educatieve werken. Het tweede was…ik beken, verbale hofmakerij, geïnspireerd door de muze van dienst. Ik schreef pas goed als ik voor iemand kon schrijven – bevlogen woorden als voorspel. Ik de rattenvangen van Hamelen, de lezer mijn prooi. Maar er hoeft niet meer gejaagd te worden, ik heb hem, the ultimate catch. Het baltsen stopt, de woorden worden functioneler en Schrijven wordt schrijven.
Ik beken… ik weet niet hoe ik voor mezelf moet Schrijven, l’art pour l’art, woorden om de woorden, zonder agenda. Kunst als allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie… daar kan ik nog wat mee, op voorwaarde dat het tot doel heeft die emotie met iemand te delen.
Maar er is hoop, want er waren ook momenten dat er geen muze nodig was om woorden aan mij te onttrekken, dat het publiek volstond. Op reis! Soms leek het haast of reizen me een alibi bood om dagelijks te mogen schrijven. Ik keek er weken voordien al naar uit en nadien had ik enkele dagen nodig om af te kicken.
Waarom alleen op reis bloggen? Dit jaar wordt ook een reis, een queeste naar woorden, niet voor één persoon, maar voor mezelf en voor jullie.
Mijn beste vriend gaf me met mijn verjaardag een fles wijn met een wens die niet beter geformuleerd had kunnen worden: woorden voor de wereld. Dank je voor de wens! En nee L., het etentje kan je vergeten want het artikel is op tijd geschreven geraakt. Maar over twee weken maak je een nieuwe kans, dan wil ik opnieuw een artikel af hebben.

26 januari 2014

Mastering the art of… procrastination

Goede voornemens… het doet vreemde dingen met een mens.

Sinds ik me heb voorgenomen om nu eindelijk eens dat boek te schrijven ben ik al zeer productief geweest. Er werden patronen getekend, stof geknipt, broeken genaaid, hoodies voor de meisjes gestikt in zachte fleece stof en sjaalkragen gebreid. Zelfs de slaapkamer, badkamer en gang kregen een nieuwe kleur, verstelwerk dat al maanden in de kast lag werd onder handen genomen, er kwam een fotowand, het huis ruikt regelmatig naar versgebakken roggebrood en ik kreeg zelfs zin om nog eens een nieuwe taal te leren – Italiaans bijvoorbeeld. Niet dat ik al concrete plannen heb om naar Italië te gaan… Het huis is nog nooit zo vaak gepoetst en als het iets warmer zou zijn, stond ik op dit ogenblik waarschijnlijk onkruid uit te trekken of de moestuin om te spitten. Ik zou alles doen, alles behalve schrijven. Want schrijven… nee, daar ben ik nog niet toe gekomen. Geen tijd voor…

Wel in mijn hoofd, nog niet op papier. Het plot is er en de personages staan klaar om in actie te schieten. Ik weet zelfs hoe ze er uit zien, hoe oud ze zijn, ik ken al hun gewoontes en onhebbelijkheden, ik weet dingen over hen die we zelfs niet weten over onze beste vrienden, hun inkomen, hun politieke voorkeur en hoe vaak ze vrijen met hun partner of met de partner van iemand anders. Toch houd ik hen nog angstvallig stil achter hun dranghekken. Je zou haast denken dat ik een hekel heb aan schrijven. Niets is minder waar, en toch…

Goede voornemens…. ze hebben bij mij de vreemde gewoonte om gezelschap te zoeken.

Een boek schrijven? Ja, een goed idee! En als we dan toch bezig zijn, laten we dan meteen ook besluiten om elke dag te gaan sporten, nog gezonder te eten, de tafel in de woonkamer elke avond leeg te maken, onmiddellijk na het eten de vaat te doen, opnieuw tangoles gaan volgen en mezelf leren tekenen (daarover later meer). Waarom slaag ik er niet in om slechts één besluit te nemen en me daaraan te houden? Waarom moet die vork altijd zo vol dat het hooi er al afvalt nog voor ik één stap gezet heb en ik dan maar een nieuwe vork neem?

Goede voornemens? Geen goed idee!

Vanaf nu ga ik me minder voornemen en meer gewoon doen. Of is ook dat weer een voornemen?

24 januari 2014

To write or not to write

Eind oktober was het er weer, dat nu-of-nooit-moment: “Ofwel schrijf je nu dat boek, ofwel stop je met erover te zeuren!”

Dat is niet zo vreemd, aangezien die gedachte zowat elke dag door mijn hoofd schiet. Het is dan een van de 50.000 gedachten en er wordt evenveel gevolg aan gegeven als aan de gedachte dat ik dringend het onkruid moet uittrekken of dat de keukenkasten aan vervanging toe zijn, geen dus. Maar eind oktober is het toch anders. Mijn verjaardag is dan net achter de rug en dat is natuurlijk het moment bij uitstek om terug te blikken op een levensjaar waarin al dan niet dromen werden verwezenlijkt of doelen werden bereikt. Bovendien komt november er dan aan, de maand waarin duizenden woordkunstenaars in nanowrimoland de uitdaging aangaan om op 30 dagen een boek te schrijven.

November kwam en november ging, maar het boek werd niet geschreven. Ik had natuurlijk bijzonder goede redenen om het niet te doen, al moet ik nu diep graven om ze nog terug te vinden. Teveel werk op mijn werk? Te druk met onze nieuwe pup? Teveel boeken die ik eerst wou lezen? Of gewoon te weinig discipline?

December dan maar. Maar in december volgen verjaardagen, sinterklaas, kerst en nieuwjaar elkaar in zo’n sneltreinvaart op dat er nauwelijks tijd is om tussen het inpakken van pakjes, koken, toasten en uitpakken van pakjes door nog een woord op papier te zetten. Zelfs met “De beste wensen voor het nieuwe jaar” was ik rijkelijk laat.

Ook dat was niets nieuws. Uitstellen… ik ben er geweldig goed in.

Been there, done that, got the T-shirt.

En toch… elke dag die ik woordeloos liet wegglippen, vergrootte de leegte, de teleurstelling.

Als kleuter zei ik het al: “Ik word later schrijver.” en ondertussen heb ik wel geschreven, fictie en non-fictie, betaald en onbetaald, voor kinderen en voor volwassenen. Toch heb ik niet het gevoel dat ik gedaan heb wat ik hoorde te doen, mijn stem laten horen, op papier.

Omdat het me aan discipline ontbreekt als ik moet werken zonder deadline, heb ik er mezelf kunstmatig eentje opgelegd: over 365 dagen moet het klaar zijn. Maar een datum in de verre toekomst volstaat niet, er is controle nodig. En daar gaan jullie mij bij helpen – wie jullie ook mogen zijn. Jullie zijn mijn wortel en mijn stok.

22 januari 2014